Wat is IB?
Het IB bestaat sinds 1968 en wordt in ruim 160 landen gegeven. Waar veel onderwijs draait om het reproduceren van kennis, draait het IB om begrijpen, onderzoeken en toepassen. De leerling is een nieuwsgierige denker, en de wereld is het lesmateriaal.
Het IB werkt op een paar punten duidelijk anders dan het reguliere Nederlandse onderwijs.
01
In het Nederlandse PYP en MYP blijft Nederlands de voertaal. Engels krijgt een vaste, oplopende plek in het lesprogramma, vooral vanaf het MYP.
02
Elke les vertrekt vanuit de eigen vragen en het eigen onderzoek van het kind.
03
Van kleuterklas tot schoolleiding werkt de hele school vanuit dezelfde visie op leren.
04
Wij zorgen dat het IB-raamwerk aansluit op de Nederlandse kerndoelen en op het toezicht van de onderwijsinspectie.
Concreet voor je school
Voor je docenten
Lesgeven vanuit een internationaal curriculum, met meer ruimte voor eigen vakmanschap en samenwerking.
Voor je leerlingen
Een diploma dat wereldwijd erkend wordt door universiteiten, en vaardigheden die verder reiken dan de toets.
Voor je school
Een helder, onderscheidend profiel dat ouders en leerlingen aanspreekt in een drukke onderwijsmarkt.
Voor je kwaliteit
Aansluiting op een wereldwijd netwerk van scholen en op vaste, externe kwaliteitsstandaarden.
De programma's
Het IB kent in totaal vier programma's, van 3 tot 19 jaar. BTEG begeleidt scholen specifiek bij het Primary Years Programme en het Middle Years Programme.
PYP
3 tot 12 jaar
Onderzoekend, vakoverstijgend leren in het primair onderwijs, aangehaakt op de nieuwsgierigheid van jonge kinderen. Dit is waar BTEG scholen actief in begeleidt.
MYP
11 tot 16 jaar
Verbindt vakken met de echte wereld en met mondiale vraagstukken in de onderbouw van het VO. Ook hier ligt de focus van BTEG.
Het Learner Profile
Het hart van het IB is het Learner Profile: tien eigenschappen die elke IB-leerling ontwikkelt. Niet als apart vak, maar als houding die overal terugkomt.
De bouwstenen
Leren draait om grote ideeën die je overal opnieuw kunt toepassen, niet om losse feiten.
Leerlingen stellen zelf vragen en zoeken antwoorden, begeleid door de docent.
De wereld komt de klas in: lokale en mondiale vraagstukken worden onderdeel van de les.
Expliciete aandacht voor denk-, onderzoeks- en samenwerkingsvaardigheden.
Iets betekenen voor je omgeving is een vast onderdeel van het leren.
Grote thema’s die vakken met elkaar verbinden, de kern van het PYP en MYP.